10 augustus 2002
De ontdekking van steen

Na een werkzaam leven waarin hij veel onderweg was, kwam er rond zijn pensioen ineens ruimte voor iets nieuws. Hij schreef zich in voor lessen beeldhouwen in Schoorl. Niet omdat er een groot kunstenaarsplan achter zat, maar vooral uit nieuwsgierigheid.
De eerste kennismaking was niet direct een succes.
Gerrit vond beeldhouwen stoffig. De steen was weerbarstig en leek zich weinig aan te trekken van wat hij ermee van plan was. Zijn docent stelde hem gerust: geef het een paar lessen.
Dat deed hij.
En ergens in die eerste stenen veranderde iets.
Wat aanvankelijk een hobby leek, bleek een manier van werken die hem uitzonderlijk goed lag. Gerrit had gevoel voor vorm, verhoudingen en lijnen en ontdekte hoe bijzonder het was om vanuit een ruw blok steen langzaam iets tevoorschijn te halen.
Zijn docent zag zijn talent eveneens. Toen deze naar Nijmegen verhuisde, kreeg Gerrit zelfs de vraag of hij de lessen wilde overnemen. Dat deed hij op dat moment nog niet. Later zou hij overigens alsnog enkele jaren zelf lesgeven.
Thuis in Bergen kreeg het beeldhouwen steeds meer ruimte. Letterlijk, in zijn eigen atelier, maar ook in zijn dagelijks leven.
Bergen bleek daarvoor de perfecte omgeving. Een dorp van kunstenaars, vlak bij zee en duinen. Gerrit ontmoette andere schilders en beeldhouwers, volgde af en toe nieuwe cursussen en begon steeds meer werk te maken.
De ene steen leidde naar de volgende.
Hij werkte met albast en serpentijn, later ook met graniet, opaal, cobaltsteen en andere materialen. Soms ontstond een herkenbare vorm. Een vogel, een vlinder of een mensfiguur. Maar steeds vaker koos Gerrit voor abstractie.
Niet vertellen wat iemand moest zien, maar ruimte laten om zelf te kijken.
Tijdens de jaarlijkse Kunst10daagse in Bergen gingen de deuren van het atelier open. Bezoekers liepen de oprit op, bekeken de beelden en raakten met Gerrit aan de praat. Zijn vrouw Tonny hielp mee en zijn kleinkinderen verkochten op de oprit potjes zelfgemaakte bramenjam.
Langzaam groeide de hobby waarmee hij na zijn pensioen was begonnen uit tot meer dan twintig jaar beeldhouwen.
En te bedenken dat hij het aanvankelijk vooral veel te stoffig vond.